Terug naar alle uitwerkingen van Digitale geletterdheid

Bouwsteen: DG2.1 - Veiligheid en privacy in de digitale wereld

Fase 1 (onderbouw primair onderwijs)

Inleiding

In deze fase maken leerlingen kennis met digitale systemen waarop je informatie kunt opslaan en waarmee je informatie kunt delen. Daarbij komen al snel veiligheidsaspecten aan bod: hoe zorg je ervoor dat jouw gegevens van jou blijven? Leerlingen maken kennis met digitale systemen en internet, maar worden ook bewustgemaakt van de (gewenste en ongewenste) content en bijbehorende risico's die je tegen kunt komen als je digitale media gebruikt. Net als in het 'offline leven' is het verstandig om online alleen dingen te accepteren waarvan je de bron kent en vertrouwt.

Kennis en vaardigheden

Leerlingen leren:

  • dat er online veilige en minder veilige omgevingen bestaan (zoals er ook in de buitenwereld veilige en minder veilige plaatsen zijn);
  • dat accounts beveiligd zijn met (al dan niet visuele) wachtwoorden en hoe ze daar verstandig mee om kunnen gaan;
  • dat het verstandig is om alleen te klikken op koppelingen waarvan ze de bron kennen en vertrouwen;
  • hoe ze moeten handelen als ze ongewenste content tegenkomen en wie ze hierbij om hulp kunnen vragen.

Fase 2 (bovenbouw primair onderwijs)

Inleiding

Voortbouwend op wat in de vorige fase aan de orde was, wordt in deze fase aandacht besteed aan het bedenken en onthouden van manieren om veilig in te loggen op een device en veilig toegang te krijgen tot online omgevingen. Ook leren de leerlingen over de risico's die voortkomen uit het onzorgvuldig gebruik van inlogmethodes en onveilige online acties (klikken op een link, ingaan op verzoeken). De leerlingen leren over de verschillende manieren waarop (gewenste en ongewenste) content binnen kan komen op je computer en hoe je hiermee om moet gaan. Dat gaat ook over het aantasten van de persoonlijke veiligheid, zoals cyberpesten en het omgaan daarmee. Er wordt aandacht besteed aan manieren om computers, communicatie en data te beveiligen, zoals: vergrendeling, virusscanners en beveiligde verbindingen en netwerken.

Kennis en vaardigheden

Leerlingen leren:

  • hoe ze de veiligheid van hun digitale leefomgeving kunnen waarborgen, bijvoorbeeld door te reflecteren op het beheer van hun bestanden, gegevens en account(s), waarbij aandacht wordt besteed aan wie toegang heeft tot hun informatie;
  • op welke manieren accounts beveiligd kunnen zijn en hoe hun gegevens hiermee beschermd kunnen worden; daarbij wordt aandacht besteed aan de sterktes en zwaktes van methodes als wachtwoorden en mogelijkheden zoals biometrische beveiliging;
  • hoe ze kunnen handelen bij een (mogelijk) veiligheidsprobleem;
  • op welke manier ze sporen achterlaten bij hun gebruik van digitale middelen. Hierbij worden ze zich bewust van de mogelijkheden die dit biedt, maar ook van de risico's die dit met zich meebrengt;
  • dat hun data vaak bij andere partijen bewaard worden, dat daar risico's aan verbonden zijn en dat die partijen een verantwoordelijkheid hebben voor de veiligheid van die data;
  • dat zij uiting moeten geven aan problemen die zij online ervaren, waarbij hun eigen veiligheid of die van anderen in het geding is.

Fase 3 (onderbouw voortgezet onderwijs)

Inleiding

Voortbouwend op wat in vorige fasen aan de orde is geweest, wordt in deze fase ingegaan op de risico's die ontstaan door slechte beveiliging van gegevens. Leerlingen leren onveilige of onbetrouwbare websites, links en berichten te herkennen en welke beveiligingsrisico's een rol spelen als hier toch gebruik van gemaakt wordt. Ze leren over het belang van beveiligingssoftware, zoals spamfilters, adblockers en firewalls. Ook denken leerlingen na over de grenzen van hun online veiligheid: door onveilig gebruik, onveilig verzenden en onveilige opslag kan er misbruik gemaakt worden van gegevens. Leerlingen leren veiligheid ook te benaderen vanuit een beroeps- en maatschappelijk perspectief.

Kennis en vaardigheden

Leerlingen leren:

  • welke belangen personen en partijen kunnen hebben om in het bezit te komen van de data van anderen of om zeggenschap te krijgen over digitale middelen die van anderen zijn;
  • hoe ze kunnen herkennen of hun online omgeving veilig is (denk aan toegangsrechten van applicaties, beveiligde verbindingen en gecertificeerde websites) en hoe ze die veiligheid zelf kunnen versterken door middel van tools als virusscanners, spamfilters en adblockers;
  • welke technieken er bestaan om persoonlijke gegevens te beveiligen, zoals uitgebreide beveiligingsmethodes als biometrische technieken, encryptie en tweestapsverificatie;
  • een kritische houding aan te nemen, zodat ze zich kunnen beschermen tegen huidige en toekomstige bedreigingen en kennis hebben van technieken als botnets en DDOS-aanvallen;
  • dat hun persoonlijke gegevens nooit volledig beveiligd zijn, denk bijvoorbeeld aan hacking, datalekken en misbruik van Internet of Things-toepassingen. Om misbruik en identiteitsfraude te voorkomen, leren ze wat ze in dit soort gevallen zelf kunnen doen en bij welke instanties ze terechtkunnen wanneer dit henzelf niet lukt;
  • een persoonlijk kader te ontwikkelen ten aanzien van online gedrag, waarbij een respectvolle houding ten opzichte van de persoonlijke integriteit de boventoon voert. Hierbij leren ze reflecteren op onveilig eigen gedrag. Bij het signaleren van ongewenst of onveilig mediagebruik door anderen leren zij anderen op hun gedrag aan te spreken en dit zo nodig te melden om het te laten verwijderen;
  • dat ook bedrijven, instellingen en overheid veiligheidsrisico's lopen en welke maatregelen daartegen genomen kunnen worden;
  • dat er op het gebied van cybersecurity studie- en beroepsmogelijkheden zijn.

Aanbevelingen bovenbouw voortgezet onderwijs

  • Besteed aandacht aan het type technieken dat gebruikt wordt om een online omgeving te beveiligen.
  • Besteed aandacht aan het herkennen en beïnvloeden van technieken die inbreuk doen op de veiligheid.
  • Besteed aandacht aan de schade die ongewenst of onveilig mediagebruik aan anderen toe kan brengen en leer maatregelen te nemen om deze persoonlijke veiligheidsrisico's voor henzelf en anderen te minimaliseren.
  • Vmbo: verbreed de kennis en vaardigheden die in voorgaande fase worden aangeboden, zodat de leerlingen een betere aansluiting hebben op studie en beroep.
  • Havo/vwo: besteed aandacht aan het leren reflecteren vanuit persoonlijk, maatschappelijk, economisch en ethisch perspectief op de spanning tussen openheid/vrijheid/het benutten van mogelijkheden van digitale technologie aan de ene kant en veiligheid aan de andere kant.

Onderdeel van Grote Opdracht(en)

Samenhangende bouwstenen

Op de hoogte blijven?

Meld je nu aan en blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en het laatste nieuws rondom het landelijk curriculum.